Alle bestaande huizen en nieuwbouwwoningen in Almere met een WOZ-prijs tot 355.000 euro mogen niet meer worden opgekocht door investeerders. Dat wil het college van burgemeester en wethouders van Almere. Ruim tachtig procent van de Almeerse woningen valt onder deze prijscategorie. Wethouder Julius Lindenbergh ziet dat investeerders deze woningen van de Almeerse woningmarkt halen, om ze daarna tegen veel geld te verhuren.

Vorig jaar zijn in de gemeente 200 huizen opgekocht door investeerders. Dat gebeurde in vrijwel alle Almeerse wijken. Eerst waren dat woningen met een koopprijs tussen de 200.000 en 300.000 euro. De laatste jaren verschuift dat naar woningen tussen de 300.000 euro en 450.000 euro.

Sinds deze maand mag de gemeente de spelregels op de woningmarkt veranderen om het voor investeerders onmogelijk te maken om de voorraad betaalbare koopwoningen om te zetten in dure huurwoningen. Lindenbergh heeft daar gelijk gebruik van gemaakt om de krappe woningmarkt in Almere wat lucht geven. De huizenprijzen in de stad zijn de afgelopen jaren sterk gestegen waardoor het moeilijk is voor huishoudens met een laag inkomen om een woning te bemachtigen.

Uitzonderingen
Eerste- en tweedegraads familieleden worden wel in de gelegenheid gesteld om een huis te kopen dat niet voor henzelf bedoeld is. Daar is bewust voor gekozen, zodat ouders bijvoorbeeld een woning kunnen kopen voor hun kinderen. Voor starters is het bijna onmogelijk iets te vinden. Financiƫle hulp van familie is daarom welkom.

Het voorstel ligt nu ter inzage zodat iedereen tot 24 februari kan reageren op de plannen. Lindenbergh roept mensen op het stuk te lezen. Hij denkt dat de gemeente wellicht bepaalde groepen over het hoofd ziet, waar ook uitzonderingen voor gemaakt zouden kunnen worden.

Het college van burgemeester en wethouders heeft een voorstel naar de gemeenteraad gestuurd. Wethouder Lindenbergh hoopt het in maart vastgesteld te krijgen, zodat de plannen dan in werking kunnen treden.